Je onderscheid bestaat vaak al. Het bereikt alleen niet altijd de mensen die moeten kiezen.
Elk koersplan in dit onderzoek kiest een identiteit. Het zegt wie de organisatie wil zijn, met een uitgesproken keuze en meestal een meetbaar doel erbij. Besturen weten dus wat hen eigen maakt, en de koers zegt zelf dat het naar buiten moet. Toch komt het maar ten dele aan. Bij ruim driekwart van de organisaties valt minimaal één identiteitsdragend thema uit de koers weg als dominant thema op de website. Wat wegvalt is vaak wat de organisatie eigen maakt: gemeenschap, identiteit, kwaliteit. Wat ervoor in de plaats komt, zijn vaker categorieconforme thema's als praktijk, arbeidsmarkt en toekomst.
De scholen bevatten intussen meer onderscheid dan het bestuursmerk laat zien. Zij voeren onderwijsconcepten die de bestuurssite niet noemt, en bij veel besturen komt een dragend koersthema op geen enkele school terug. Bestuur en scholen vertellen twee verhalen die elkaar niet dekken. Dat is geen slordigheid. Een koers wordt geschreven om te sturen en een website om te kiezen. Zonder een expliciete merkkeuze ontstaat tussen die twee gemakkelijk een gat.
Het scherpst is dat te zien bij het werkgeversmerk. Werkgeverschap speelt in bijna elke koers een rol en bijna elke site voert een werkgeversbelofte. Toch wordt van de werkgeversdragende koersthema's er maar één dominant op de site. Het werkgeversmerk bestaat dus wel, maar wordt niet gevoed door het eigen strategische verhaal. In een sector met leerlingdaling en een lerarentekort in de grote steden is dat onze zorg: waar ouders en leraren kunnen kiezen, weegt herkenbaar verschil zwaarder.
Dit is geen websiteprobleem en geen communicatieprobleem. Het vraagt een bestuurskeuze: welke thema's uit de koers worden het gezicht van het bestuur en van de scholen, en welke blijven intern? Die keuze hoort in het koersplan zelf. Bij 24 van de 34 onderzochte organisaties loopt de koersperiode in 2026 of 2027 af, of is die al verlopen. Wie de keuze vóór de koersevaluatie maakt, bouwt het merk in de koers in, op het moment dat de strategische keuzes toch al opnieuw worden gemaakt.
De vraag die dit stuk stelt: als een ouder, een leerling of een leraar alleen jullie website ziet, herkent hij dan de keuze uit jullie koersplan? En zo niet, wat doe je daaraan vóór het volgende koersplan?
Uitspraken gaan over de 34 onderzochte organisaties, niet over het onderwijs als geheel. Het bewijs staat per hoofdstuk in een tabel, elk cijfer als telzin uit het Schwung Merkbeeld Onderwijs 2026.
Je koers is scherper dan je website
De koersplannen in dit onderzoek zijn geen vage stukken. Ze kiezen. Ze benoemen wie de organisatie wil zijn, wat ze anders doet en waar ze op afgerekend wil worden. Wie ze naast de bijbehorende websites legt, ziet iets anders. De keuze uit de koers is op de site lang niet altijd dominant. De website is niet armer dan de koers, hij is anders. Er valt ongeveer evenveel weg als er bijkomt, en het gaat om de inhoud van die ruil.
Wat weggaat, is intern gekozen: gemeenschap, kwaliteit, identiteit. Wat erbij komt, zijn vaker categorieconforme thema's: praktijk, bedrijfsleven, duurzaamheid. Zo ruilt een organisatie een eigen keuze in voor een keuze die in de sector vaker voorkomt. De site kiest wat gemakkelijk uitlegbaar is. De koers bevat wat de organisatie eigen maakt. Een ouder die twee scholen vergelijkt, ziet daardoor vaker hetzelfde, terwijl er in beide koersplannen een verschil staat.
Dit is geen kwestie van websitekwaliteit; de kwaliteit van de site hebben we niet beoordeeld. Het is een kwestie van wat er op de site dominant is gemaakt. Wie zijn koers leest en dan zijn homepage opent, kan het bij zichzelf in een kwartier nagaan. Welke drie thema's dragen de koers, en welke drie ziet een bezoeker als eerste?
| Wat we telden | Uitkomst | Grond |
|---|---|---|
| De koers benoemt een gewenste identiteit met ten minste één expliciete keuze | 34 van 34 | gecodeerd op het koersdocument |
| De koers bevat ten minste één meetbaar doel | 25 van 34 | gecodeerd op het koersdocument |
| Ten minste één identiteitsdragend koersthema is op de site niet dominant | 26 van 34 | koers naast site |
| Geen enkel identiteitsdragend koersthema is dominant op de site | 9 van 34 | koers naast site |
| Alle koersthema's zijn ook dominant op de site | 4 van 34 | koers naast site |
| Samen en gemeenschap: draagt de koers / dominant op de site | 19 / 12 van 34 | koers naast site |
| Kwaliteit en resultaat: draagt de koers / dominant op de site | 13 / 7 van 34 | koers naast site |
| Praktijk en bedrijfsleven: dominant op de site zonder dat de koers het draagt | 8 van 34 | koers naast site |
| Beloftetype van koerskernzin en sitebelofte gelijk gecodeerd | 14 van 34 | gecodeerd als classificatie |
Welke drie thema's dragen ons koersplan, en welke drie ziet een bezoeker van onze website als eerste?
Je scholen bevatten meer onderscheid dan het bestuursmerk laat zien
Voor ouders en leerlingen is het onderwijsconcept een reden om te kiezen, naast schoolsoort en afstand. Tweetalig onderwijs, gepersonaliseerd leren, dalton, montessori, vrijeschool, technasium, Agora: de concepten zijn er, en de scholen voeren ze. Maar op de bestuurssite staat het concept als een regel in het menu, niet als belofte van het merk. In de koers gebeurt hetzelfde: een deel van de koersplannen noemt een concept of een schooltype dat de site nergens toont. Terwijl een concreet onderwijsconcept veel minder uitwisselbaar is dan een algemene merkbelofte, omdat het zichtbaar wordt in hoe een school onderwijs organiseert.
We lazen van zeventien besturen in het basis- en voortgezet onderwijs de eigen scholen apart. Dat deden we in het schoolregister van DUO en op Scholen op de kaart, in hun eigen woorden. Deze scholenlaag betreft alleen de onderzochte besturen in het basis- en voortgezet onderwijs; over mbo en hoger onderwijs zegt zij niets. Bij ruim de helft van die besturen voeren de scholen een concept dat het bestuur niet noemt. Bij het grootste deel komt een dragend koersthema bij geen enkele school terug. Bestuur en scholen vertellen twee verhalen die elkaar niet dekken.
Een eigen profiel per school is geen probleem dat een bestuur moet gladstrijken. Het is de grondstof. De structuur is er ook al: bijna elke organisatie voert een hoofdmerk met scholen of opleidingen eronder. Wat ontbreekt is de afspraak wat het hoofdmerk claimt, wat de school claimt en wat ze delen. Zonder die afspraak vertelt elke school haar eigen verhaal, en vertelt het bestuur er een dat bij geen van de scholen past.
Die afspraak is vooral van belang voor wie het werk doet: de schoolleider. In het basisonderwijs herhalen de scholen de koers van het bestuur, maar hun eigen concept staat bij het bestuur nergens. In het voortgezet onderwijs is het omgekeerd. Daar voeren de scholen een eigen verhaal, en komt bij 5 van de 8 besturen een zwaar koersthema bij geen enkele school terug. De koersplannen zien die spanning zelf ook. Zij spreken van eigenheid van elke school naast eenheid van de stichting. Een merkkeuze van het bestuur hoort de schoolleider daarom een kader te geven waarbinnen de school haar eigen verhaal vertelt. Zonder dat kader kiest de school zelf, of kiest zij niet.
| Wat we telden | Uitkomst | Grond |
|---|---|---|
| De site noemt ten minste één onderwijsconcept bij naam | 23 van 34 | sitefeit |
| Het concept komt terug in de positionering zelf | 5 van 34 | gecodeerd op het profiel |
| De koers noemt een onderwijsconcept dat de site niet toont | 13 van 34 | koers naast site |
| De koers noemt een schooltype dat de site niet toont | 13 van 34 | koers naast site |
| De eigen scholen voeren een onderwijsconcept met naam | 13 van 17 | scholenlaag |
| De scholen voeren een concept dat de bestuurssite niet noemt | 10 van 17 | scholenlaag |
| DUO kent een schooltype dat de bestuurssite niet noemt | 11 van 17 | scholenlaag |
| Ten minste één dragend koersthema komt bij geen van de gelezen scholen terug | 14 van 17 | koers naast scholen |
| Merkarchitectuur onderschreven (hoofdmerk met scholen eronder) | 28 van 34 | gecodeerd als classificatie |
| Basisonderwijs: de drie zwaarste koersthema's komen bij ten minste de helft van de scholen terug | 4 van 5 | koers naast scholen, besturen met een scholenlaag |
| Basisonderwijs: de scholen voeren een concept dat de bestuurssite niet noemt | 5 van 5 | scholenlaag, besturen met een scholenlaag |
| Voortgezet onderwijs: een zwaar koersthema komt bij geen enkele school terug | 5 van 8 | koers naast scholen, besturen met een scholenlaag |
| Werkgeverschap is een zwaar koersthema en komt bij geen enkele school terug | 3 van 3 | koers naast scholen |
Welk concept of welke werkwijze hebben onze scholen al, dat op onze eigen site nergens als belofte staat?
Het werkgeversmerk raakt de koers nauwelijks
Werkgeverschap of personeelsbeleid speelt bij 29 van de 34 organisaties een rol in de koers. 31 van de 34 voeren een werkgeversbelofte, vaak op een eigen werken-bij-domein. Toch wordt van de 18 werkgeversdragende koersthema's er maar één dominant op de site. Het werkgeversmerk bestaat dus wel, maar wordt niet gevoed door het eigen strategische verhaal. Daardoor lijken werken-bij-sites in de onderzochte groep op elkaar: groeien, ruimte, iets betekenen voor leerlingen.
Dat weegt in deze sector zwaar. De koersplannen noemen het lerarentekort en de arbeidsmarkt als de belangrijkste aanleiding, en het aantal leerlingen daalt de komende jaren in alle sectoren. Hoe ouders en leraren precies kiezen, hebben wij niet onderzocht. Onze lezing is dat herkenbaar verschil zwaarder weegt naarmate er meer te kiezen valt, en dat een werkgeversbelofte die op alle andere lijkt, dan weinig doet.
Wat wel onderscheidt, is concreet en te controleren. Enkele organisaties noemen op de site dingen die een lezer kan nagaan.
Een thema als samen of kwaliteit kan iedereen claimen. Een restaurant dat leerlingen runnen of een challenge-aanpak is een keuze die zichtbaar is in hoe het onderwijs is georganiseerd. Zulke zinnen komen uit wat een organisatie al doet. Ze hoeven niet bedacht te worden, alleen gekozen en naar voren gehaald, ook in het werkgeversmerk.
| Wat we telden of lazen | Uitkomst | Grond |
|---|---|---|
| Leerlingen en studenten in het bekostigde onderwijs, 2025 naar 2032 (Referentieraming OCW 2026) | 3.640.100 → 3.488.400 | extern, prognose |
| Lerarentekort basisonderwijs 2025, landelijk / vijf grote steden (Rijksoverheid) | 5.760 fte / 13,7% | extern, meting |
| De koers noemt het lerarentekort of de arbeidsmarkt als aanleiding | 26 van 34 | gecodeerd op het koersdocument |
| De koers noemt krimp en leerlingdaling als aanleiding | 14 van 34 | gecodeerd op het koersdocument |
| Werkgeverschap of personeelsbeleid is doel of thema in de koers | 29 van 34 | gecodeerd op het koersdocument |
| De site voert een werkgeversbelofte, met citaat | 31 van 34 | gecodeerd als classificatie |
| Werken-bij-site op een eigen domein | 16 van 34 | gecodeerd als classificatie |
| Werkgeversdragende koersthema's die dominant zijn op de site | 1 van 18 | koers naast site |
| Bewijskracht op de site sterk / gemiddeld / dun | 3 / 23 / 5 van 34 | gecodeerd op het profiel |
Als een leraar onze werken-bij-site naast die van twee buurbesturen legt, aan welke zin herkent hij ons?
De ontbrekende stap is een merkkeuze, en die is van het bestuur
Het besef is er. Bijna elke koers zegt zelf iets over profiel, merk, imago of werving, en bij een deel is profilering een expliciet doel. En toch bereikt de keuze de buitenwereld niet. Dat ligt niet aan de afdeling communicatie. Dit hoofdstuk is de lezing van Schwung: het onderzoek laat zien dat de kloof bestaat, wat zij betekent is ons standpunt.
Een koers wordt geschreven om te sturen en een website om te kiezen. Een koersplan ordent ambities en geeft richting aan bestuur en teams. Een website helpt een ouder, een leerling of een sollicitant kiezen. Die twee doelen vragen andere taal. Zonder een expliciete merkkeuze ontstaat daartussen gemakkelijk een gat; wie daar in de praktijk eigenaar van is, hebben wij niet onderzocht. Een strategisch plan kan tientallen ambities dragen, een merk niet. Bedrijfsvoering en financiën horen niet op een website en tellen hier niet als gemis. Identiteit, mensbeeld en onderwijsconcept horen daar wel, en juist die verdwijnen onderweg. Wie kiest welke koersthema's het gezicht worden en welke intern blijven, is een bestuursvraag. Een communicatieafdeling kan die keuze niet alleen maken; zij hoort er wel bij aan tafel.
Voor een bestuur met meerdere scholen is de keuze dubbel: wat belooft het bestuur, wat belooft elke school, en wat delen ze? Hoofdstuk 2 liet zien dat scholen vaak al een eigen concept voeren dat het bestuur niet noemt. Dat is de grondstof voor een merkarchitectuur: één herkenbaar bestuursmerk dat ruimte laat aan de eigen identiteit van de scholen. Wij losten die vraag eerder op voor Kinderstad, waar één hoofdmerk uit twee organisaties ontstond en de locaties hun eigen karakter hielden. Welke variant past, hangt af van wat scholen delen en waarin ze werkelijk verschillen. Dat is te meten voordat het koersplan wordt geschreven, en dan hoort de uitkomst in de koers thuis.
Voor het werkgeversmerk geldt dezelfde keuze. Een werkgeversbelofte wordt pas eigen als zij uit dezelfde keuze komt als de belofte aan leerlingen en ouders. Niet met dezelfde woorden, wel vanuit hetzelfde fundament. Zolang die keuze ontbreekt, schrijft de werken-bij-site wat elke werken-bij-site schrijft.
| Wat we telden | Uitkomst | Grond |
|---|---|---|
| De koers zegt zelf iets over profiel, merk, imago of werving | 31 van 34 | gecodeerd op het koersdocument |
| Profilering, positionering of communicatie is een expliciet doel in de koers | 11 van 34 | gecodeerd op het koersdocument |
| Drie of meer strategische keuzes bestaan intern, maar zijn extern niet dominant | 28 van 34 | koers naast site |
| Schoolbestuur met meerdere scholen | 24 van 34 | gecodeerd als classificatie |
| Werkgeverschap in de koers en op de werken-bij-pagina, maar geen dominant sitethema | 26 van 34 | koers naast site |
| De sitebelofte is niet eenduidig te typeren | 10 van 34 | gecodeerd als classificatie |
Wie beslist bij ons welke koersthema's het gezicht van het bestuur en van de scholen worden, en wanneer is dat voor het laatst besloten?
Het volgende koersplan is het logische moment om merk en koers bij elkaar te brengen
Bij 24 van de 34 onderzochte organisaties loopt de koersperiode in 2026 of 2027 af, of is die al verlopen. Als jouw koers in 2027 afloopt, begint de evaluatie binnen een jaar. Dat is het moment. Een nieuw koersplan begint met een evaluatie van het vorige en een verkenning van de omgeving. Wie daar de merkkeuze aan toevoegt, bouwt het merk in de koers in. Wie dat overslaat, loopt het risico opnieuw een koers te schrijven die intern klopt en extern maar ten dele zichtbaar wordt. Loopt jouw koers later af, dan is de nulmeting de inbreng voor de tussentijdse evaluatie.
De eerste stap is een nulmeting, vóór de koersevaluatie start. Zij doet voor één bestuur wat dit onderzoek voor de hele groep deed, en gaat een laag dieper. Zij legt vier bronnen naast elkaar. Wat de koers en de schoolplannen zeggen. Wat de scholen zelf zeggen. Wat ouders, leerlingen en sollicitanten te zien krijgen. En wat de besturen om jullie heen beloven, zodat duidelijk is wat categorie is en wat eigen. De uitkomst is een beeld van welk onderscheid al bestaat, waar het onderweg verdwijnt en welke keuze het bestuur nog niet heeft gemaakt. Dat beeld is de inbreng voor de koersevaluatie. Het is ook de inbreng voor de werksessies waarin bestuur en schoolleiders samen de positionering en de merkarchitectuur kiezen. Wat claimt het bestuur, wat claimt elke school, en wat delen ze?
Wat het van het bestuur vraagt, is beperkt. De documenten liggen er: het koersplan, de schoolplannen, de website. Daarnaast gesprekken met bestuur, schoolleiders en een aantal medewerkers over wat zij als eigen ervaren. De schoolleiders zitten daarbij als deelnemer aan tafel. Zij moeten het verhaal straks op hun eigen school dragen. En de bereidheid om de uitkomst te laten meewegen bij het schrijven van de koers. De nulmeting schrijft nog geen nieuw verhaal en verplicht nergens toe. Wat zij kost, hangt af van het aantal scholen en bronnen; zij is begrensd en gaat vooraf aan elke keuze over wat daarna komt. Wil het bestuur verder, dan volgen vijf stappen. Merkfundament uit de koers, positionering, merkverhaal, concept en identiteit voor bestuur en scholen. En doorvoeren tot in de website, de werken-bij-site en de open dag.
Wat we je vragen: laat de nulmeting doen voordat de koersevaluatie start. Dan ligt de merkkeuze op tafel op hetzelfde moment dat de strategische keuzes toch al opnieuw worden gemaakt.
| Wat we telden | Uitkomst | Grond |
|---|---|---|
| De koersperiode loopt af in 2026 of 2027, of is verlopen | 24 van 34 | sitefeit uit het koersdocument |
| De koers is verlopen of loopt dit jaar af | 16 van 34 | sitefeit uit het koersdocument |
| Koersdocumenten gelezen | 34 van 34 | bron |
| Besturen waarvan de eigen scholen apart zijn gelezen | 17 van 34 | bron |
Wanneer start onze koersevaluatie, en wat weten we dan over het verschil tussen wat onze koers belooft en wat onze scholen laten zien?
Zo is dit gemeten, en wat het niet weet
Dit onderzoek volgt de Schwung Merkbeeld-methodiek, versie 1.0. De volledige methode staat op schwungreclame.nl/merkbeeld/methode. Hier staan alleen de feiten van deze editie.
De groep. 34 onderwijsorganisaties in vier lagen, gelezen in september 2026. Acht besturen in het basisonderwijs, negen in het voortgezet onderwijs, acht mbo-instellingen en negen in het hoger onderwijs. Per laag landelijke referenties, regionale spelers en uitdagers, volgens een vast selectieprotocol. TU Eindhoven viel uit omdat de site alleen een cookieverklaring leverde. De groep is geen representatieve steekproef; uitspraken gaan over deze 34 organisaties. Schwung heeft belang bij de uitkomst. Daarom staat de duiding los van de telling, telt een script en niet het model, en is de dataset openbaar.
De bronnen. De openbare websites, 3.367 pagina's, inclusief werken-bij-sites. Het openbare koersplan of strategisch beleidsplan, 34 van de 34 gelezen. Van 17 besturen ook de eigen scholen, via DUO en Scholen op de kaart. Externe context uit openbare bronnen van overheid en toezicht, elk met datum en status.
De codering. Website en koers zijn op dezelfde twaalf thema's gecodeerd, met beslisregels, citaat en zekerheid per code. Koersthema's kregen een rol: identiteitsdragend, propositiedragend, werkgeversdragend of intern operationeel. Intern operationele thema's tellen niet als gemis op de site. Het tellen gebeurt door een script; het model telt niet. De synthese is getoetst door een auditor op een ander model en houdt stand na tegenlezing.
Wat dit onderzoek niet weet. Het leest wat organisaties publiceren. Het zegt niet of een claim waar is, wie het beste onderwijs geeft of hoe ouders en leerlingen het ervaren. Themacodering is interpretatie: wat de site zegt en wat een analist eruit afleidt, zijn twee grootheden. Sites en koersplannen veranderen; deze lezing is houdbaar tot maart 2027. De visuele identiteit is niet gemeten.
Dataset en hergebruik. Alle tellingen, organisaties en bronnen staan in Schwung Merkbeeld Onderwijs 2026, met de dataset als CSV. Vrij te citeren en te hergebruiken met bronvermelding "Schwung Merkbeeld Onderwijs 2026", onder CC BY 4.0.
Zouden wij dezelfde meting voor onze eigen organisatie laten doen, en wie leest de uitkomst als eerste?
Bronnen
- Schwung, Schwung Merkbeeld Onderwijs 2026, editie 1: tellingen op websites (03-tellingen), koers naast site (09-koers-kloof), rollen van koersthema's (09d-merkdoorwerking) en scholenlaag (10-scholen). schwungreclame.nl/merkbeeld/onderwijs/2026, gelezen september 2026.
- Schwung, De duiding van het Schwung Merkbeeld Onderwijs 2026. schwungreclame.nl/merkbeeld/onderwijs/2026/duiding.
- Schwung, Schwung Merkbeeld-methodiek, versie 1.0. schwungreclame.nl/merkbeeld/methode.
- Ministerie van OCW, Referentieraming 2026, 2 april 2026 (prognose leerlingen en studenten tot 2032).
- Rijksoverheid, Feiten en cijfers over leraren en het lerarentekort, meting 2025.
- Rijksoverheid, Elk kind en elke student verdient goed onderwijs, 18 december 2025 (prognose tekorten na 2029; zij-instroom 2025).
- Rijksoverheid, Vernieuwen curriculum primair onderwijs en voortgezet onderwijs, 1 augustus 2026 (kerndoelen Nederlands en rekenen, in werking).
- Rijksoverheid, Voldoen aan de AI-verordening, 2 april 2026 (AI-geletterdheid in werking sinds 2 februari 2025).
- DUO, schoolregister, en Scholen op de kaart, geraadpleegd september 2026 (scholenlaag van 17 besturen).
- Schwung, case Kinderstad: één merk uit twee organisaties. schwungreclame.nl/projecten-kinderstad.
Nick de Cock, creatief strateeg bij Schwung
Wil je weten welk onderscheid in jullie koers en op jullie scholen al bestaat, en waar het onderweg verdwijnt? De nulmeting is de eerste stap, vóór het nieuwe koersplan.
06 53 94 78 49 · nick@schwungreclame.nl · schwungreclame.nl/merkbeeld/onderwijs
Schwung, Gasthuisring 5, 5041 DP Tilburg. Merkstrategie, employer branding en websites voor onderwijs, zorg en overheid.